Ik denk dat mijn dagen van toewijding aan één bepaalde kerk of gemeente ver voorbij zijn.

Ik heb de eerste jaren nadat ik terug ben gegaan naar de kerk waar ik nu nog lid ben (ik ben er in een voorbije periode, van 1982 tot 1988, ook al eens zes jaar lid geweest), vaak geroepen dat ik ‘toen nooit had mogen weggaan.’

Ik ben later gaan inzien dat die uitspraak sloeg op ‘toen.’ Toen had ik er niet weg moeten gaan. Nu leven we in een andere tijd, een tijd waarin er meer groei is gekomen naar het doel dat God met een ieder van ons heeft. Mijn studie aan Charis Bible College heeft tot nu toe al heel veel bijgedragen aan die groei, waar ik héél dankbaar om ben.

Nee, mijn toewijding behoort te zijn aan het Koninkrijk van God, en van dat Koninkrijk zijn de grenzen veel en veel ruimer dan van één enkele kerk of gemeente. Ik ben steeds meer een Koninkrijksdenker aan het worden.

Mijn toewijding aan één gemeente is voornamelijk voortgekomen uit mijn begrip van de tekst in Hebreeën 10:25: “Laten wij de onderlinge bijeenkomst niet nalaten, zoals het bij sommigen de gewoonte is, maar elkaar aansporen, en dat zoveel te meer als u de grote dag ziet naderen.” Ik heb dit altijd gelezen in de vertaling van het Nederlands Bijbel Genootschap: “Wij moeten onze eigen bijeenkomst niet verzuimen, … ,” waarbij ik ‘eigen bijeenkomst’ altijd begreep als de bijeenkomst van mijn ‘eigen’ gemeente.

Ik zie nu in dat er een veel betere uitleg bestaat voor deze tekst: de samenkomst van de heiligen is eigenlijk niet bedoeld voor ongelovigen, maar voor opbouw, bemoediging, vertroosting en toerusting van de heiligen, opdat zij daarna de wereld in kunnen gaan en de liefde van Jezus bekend maken en uitdelen. Wil ik daarmee zeggen dat ongelovigen er niet mogen komen? Nee, natuurlijk niet, je mag mijn woorden ‘bedoeld voor’ niet uitleggen als ‘uitsluitend bestemd voor’ alsof ze er niet mogen komen. Maar wij kunnen zo makkelijk het eigenlijke doel en de juiste werking van het Koninkrijk van God uit het oog verliezen: wij worden als Christenen toegerust, om vervolgens die toerusting te gebruiken om buiten de gemeente of kerk uit te delen van wat we in de gemeente ontvangen hebben.

Het volgende filmpje legt het heel goed uit: Kerkbedrog

En als de kerk waar je lid bent nu eens helemaal niet doet aan toerusting van discipelen, moet je die dan in de steek laten? Dat is niet per se nodig, maar geef je toewijding aan die ene gemeente op en ruil je denken in voor een Koninkrijksdenken. Je bent lid van een wereldwijd Lichaam.

Kandidaten voor Gods heerlijkheid (lees: ongelovigen) kom je overal tegen.